Zoals eerder uiteengezet wordt de kans op een baby met downsyndroom berekend aan de hand van de dikte van de nekplooi, de concentraties van twee specifieke zwangerschapshormonen, de leeftijd van de moeder en de duur van de zwangerschap.
-
Vanaf een kans groter dan 1: 200 is er sprake van een verhoogde kans of risico en is er een indicatie voor diagnostisch vervolgonderzoek;
-
Een kans van 1: 200 op een baby met downsyndroom komt overeen met een kans van 0,5% of anders geformuleerd, komt overeen met een kans van 99,5% op een gezonde baby;
-
Uw verloskundige wordt schriftelijk en bij een ongunstige uitslag direct telefonisch door ons op de hoogte gesteld;
-
Bij een ongunstige uitslag beslist u altijd zelf over eventueel vervolgonderzoek;
-
De uitslag is gunstig in 95 % en ongunstig in 5% van de combinatietesten;
-
Bij een ongunstige uitslag wordt 85-90 % van de babies met downsyndroom na diagnostisch vervolgonderzoek ontdekt;
-
Diagnostisch vervolgonderzoek i(vlokkentest of vruchtwaterpunktie) is altijd noodzakelijk voor de diagnose;
-
Er een kleine kans (0,5 -1%) op een miskraam na diagnostisch vervolgonderzoek. A.Tabor 2010



